U bevindt zich hier: Home > Artikelen > Argumenten voor reïncarnatie

Argumenten voor reïncarnatie

Geplaatst op: 22-07-2006

Tenzij we de onsterfelijkheid van de mens en het bestaan van de ziel ontkennen, zijn er geen overtuigende argumenten aan te voeren tegen de leer van een voorbestaan en van wedergeboorte, behalve die op de uitspraak van de kerk berusten dat elke ziel een nieuwe schepping is. Deze uitspraak kan alleen door blinde dogmatiek worden gesteund, want uitgaande van een ziel moeten we vroeg of laat wel bij de theorie van de wedergeboorte komen, want zelfs als elke ziel hier op aarde nieuw is, moet ze toch na het sterven ergens voortleven en gezien de gegeven orde van de natuur zal ze andere lichamen hebben op andere planeten of in andere gebieden. Theosofie past op het zelf – de denker – dezelfde wetten toe die men overal in de natuur ziet werken, en al die wetten zijn vormen van de grote wet dat oorzaken gevolgen hebben en dat er geen gevolg is zonder een oorzaak. De onsterfelijkheid van de ziel – waarin de meerderheid van de mensheid gelooft – vereist een belichaming hier of elders, en belichaamd worden betekent reïncarnatie. Als we maar voor enkele jaren op deze aarde komen en dan naar een andere gaan, moet de ziel daar evenals hier worden belichaamd, en als we van een andere wereld komen, moeten we ook daar een geschikt omhulsel hebben gehad. De vermogens van de geest en de wetten die zijn werking, zijn gehechtheid en onthechting beheersen, zoals die in de theosofische filosofie worden behandeld, geven aan dat zijn wederbelichaming hier moet plaatsvinden, waar hij zich ontwikkelde en werkte, totdat de geest de krachten, die hem aan deze bol ketenen, kan overwinnen. Het zou onrechtvaardig zijn en in strijd met de machtige occulte wetten en krachten, die voortdurend op een wezen inwerken, als het dit wezen zou zijn toegestaan zich naar een andere plaats van handeling te begeven voordat het alle oorzaken die het hierheen trekken, heeft overwonnen en zonder dat het zijn verantwoordelijkheid tegenover andere wezens in dezelfde evolutiestroom op zich heeft genomen. De eerste kerkvaders zagen dit in en leerden dat de ziel in de stof was gevallen en door de wet van haar natuur was verplicht zich weer moeizaam op te werken tot de plaats waar ze vandaan kwam. Ze haalden een oude Griekse hymne aan die als volgt gaat:

Lees verder op

Bron: http://www.theosofie.net/... - De Oceaan van Theosofie, W.Q. Judge, blz. 91–101